Wat doet de kennisgroep Waterkwaliteit Geborgd?

Kennisgroep Waterkwaliteit Geborgd

De kennisgroep Waterkwaliteit geborgd is voor het vierde jaar onderdeel van de Vruchtbare Kringloop Achterhoek en Liemers (VKA). De deelnemers ontwikkelen een nitraat-monitoringstool voor boeren om de omgevingsimpact van hun bedrijf op de waterkwaliteit te meten en hun bedrijfsvoering daar op af te stemmen. Tien VKA-leden en experts van onder andere Vitens maken deel uit van deze verdiepende studiegroep. In 2020 zijn de activiteiten van de kennisgroep gericht op de (door)ontwikkeling van de monitoringstool voor nitraat.

Voor het ontwikkelen van een nitraatmonitoringsysteem wordt de stikstofkringloop op 10 bedrijven  bestudeerd. De vraag die centraal staat is: Hoe wordt de bedrijfsvoering uitgevoerd en wat zijn de gevolgen van de bedrijfsvoering op verschillende stikstofparameters? Alleen een stikstofbodemoverschot uit de Kringloopwijzer is te beperkt, omdat het lot van het overschot sterk wordt bepaald door bodemprocessen en bodemkarakteristieken. Essentieel is daarbij welk deel is vastgelegd in de bodem, welk deel beschikbaar komt voor emissie naar de lucht en welk deel in het grondwater komt en nadelig is voor de waterkwaliteit. Daarnaast is nitraatmeten in het grondwater complex en duur. Voor een betrouwbare uitspraak over de nitraatuitspoeling zijn veel metingen nodig per bedrijf.

Meer parameters

Door deze twee aspecten is het van belang om met behulp van meer parameters inzichtelijk te maken wat er met een N-bodemoverschot gebeurt. Dit om een adequaat monitoringsysteem te ontwikkelen dat kan worden ingezet in de verdere optimalisatie van de bedrijfsvoering. Ook kan hiermee worden ingezet op het verkrijgen van ruimte in regelgeving cq. het borgen van verkregen ruimte in de BES-pilot. Van de 10 deelnemende bedrijven zitten er 5 bedrijven in de VKA-BES-pilot.

N-boekhouding per perceel en N-metingen

Op de deelnemende bedrijven worden op 5 percelen met de hoogste uitspoelingsgevoeligheid voor nitraat de stikstofstromen (bemesten en opbrengst) vastgelegd in een N-boekhouding per perceel. De bodemkarakteristieke van de percelen zijn bekend.  

Met een uitgebreid monitoringsprogramma worden de stikstofresiduen in het najaar (N90 metingen) en voorjaar (N30 metingen) in beeld gebracht op deze percelen. Ook wordt het nitraatgehalte in het grondwater gemeten. Door de N-boekhouding te koppelen aan de metingen kan worden beoordeeld welke combinatie van parameters de waterkwaliteit het best monitoren.   

Kortom: met de tool wordt geprobeerd om efficiënter om te gaan met mineralen, waardoor er uiteindelijk minder mineralen uitspoelen naar het grondwater.

Harry Wentink

Ervaringen van deelnemer Harry Wentink uit Wijnbergen

Waarom doe je mee aan de kennisgroep Waterkwaliteit geborgd?

‘Ik wil graag het verband weten tussen stikstofbodemoverschot en de waterkwaliteit. Als het nitraatgehalte in het bovenste grondwater onder de 50 mg/l is zou zijn, voldoet mijn bedrijf immers aan de norm.’

Hoe gingen jullie dit jaar te werk?

‘Op de bedrijven van alle deelnemers zijn eerst 5 peilbuizen geplaatst.  Met een app konden we door zelf te meten het nitraatgehalte van het grondwater inschatten. Door de droogte van de afgelopen jaren konden bij veel peilbuizen helaas geen metingen worden gedaan. Daarnaast zijn er meerdere keren N90 metingen op het bedrijf gedaan om vast te stellen hoeveel stikstof er na het groeiseizoen achterbleef in de bodem.’

Wat waren de uitkomsten op jouw bedrijf?

‘Om toch het nitraatgehalte te kunnen meten zijn er door een erkend bedrijf watermonsters genomen van het bovenste grondwater. De meeste van mijn percelen zaten ruim onder de 50 mg/l nitraat.’

Wat zijn je ervaringen tot nu toe?

‘Twee jaar geleden is de BedrijfsWaterWijzer gestart. In deze waterwijzer wordt er afhankelijk van de grondsoort,  grondwatertrap en opbrengend vermogen van de grond per perceel een bemestingsadvies gemaakt. Hiermee kan er nog nauwkeuriger bemest worden. Tot nu toe is er nog geen goed verband aangetoond tussen het stikstofbodemoverschot en grondwaterkwaliteit. De reden hiervoor is onder andere de droogte van de afgelopen drie jaren. Ook bleek uit de ervaringen van de andere deelnemers dat meten van nitraatgehalte in het bovenste grondwater op een paar punten op het bedrijf geen betrouwbaar beeld geeft. Binnen een perceel kunnen zich zelfs grote verschillen voordoen in het nitraatgehalte. Mijn conclusie is dat het berekenen van het stikstofbodemoverschot in de KringloopWijzer voorlopig een betere indicatie is van het te verwachten nitraatgehalte in de bodem dan het meten van het nitraatgehalte.’

Wat gaan jullie de komende tijd doen?

‘De komende tijd nemen we van meerdere percelen N30 monsters in het voorjaar en N90 monsters in het najaar. In combinatie met bemestingsgegevens en gewasopbrengsten kunnen we gaan kijken of hieruit een relatie kan worden gevonden met waterkwaliteit en stikstofbodemoverschot.’